zaterdag, augustus 15, 2020
In deze columnserie schrijft Salwa Zaher over de reis van Syrië naar Nederland. Met haar ervaringen wil zij Nederlanders laten zien welke dilemma’s ze tegen komt als statushouder, vrouw, moeder van twee kinderen en Syrische journalist in Nederland. In deze tweede column beschrijft ze de moeilijkheden die ze tegenkomt in haar ambitie om in Nederland als journalist te werken.
De afstand van mijn huis in Hoorn tot mijn huis in Damascus is precies 4320 kilometer. Ver weg? Volgens Google Maps kan ik er binnen 45 uur zijn. Vanaf Nederland kan ik met de auto via Duitsland, Oostenrijk, Slowakije, Hongarije, Servië, Bulgarije, Turkije en dan de grens over met Syrië. De google-app tekent de weg en rekent het voor je uit, je kan kiezen in kilometers of in mijlen.
Vroeger hield ik niet echt van het kijken naar voetbal, hoewel ik het wel een leuke teamsport vond om te doen. In een bepaalde periode van mijn jeugd werd het aanmoedigen van het Syrische team belangrijker voor mij, omdat het het team van het land is waartoe ik behoor.
Bijna drie jaar geleden zag ik hem voor het eerst: Een kind van vijf in het kantoor van het IND in Den Bosch. Hij was aan het spelen. Toch leek hij niet op andere spelende kinderen, stotterend, zonder ouders.
Hèhè, eindelijk zijn er Eritreeërs in het nieuws. Normaal hoor of lees je nauwelijks iets over deze mensen, die na de Syriërs de tweede grootste groep recente vluchtelingen in Nederland vormen. Dat heeft er vast mee te maken dat ze zo bescheiden zijn. Ik merkte het toen ik in de noodopvang in de Havenstraat werkte: Eritreeërs vragen niet, klagen niet, en staan altijd achteraan in de rij. Bovendien spreken ze lang niet allemaal goed Engels, wat het ook al moeilijker maakt hun verhaal te doen aan Nederlanders.
In deze columnserie schrijft Salwa Zaher over de reis van Syrië naar Nederland. Met haar ervaringen wil zij Nederlanders laten zien welke dilemma’s ze tegenkomt als statushouder, vrouw, moeder van twee kinderen en Syrische journalist in Nederland. In haar...
In deze columnserie schrijft Salwa Zaher over de reis van Syrië naar Nederland. Met haar ervaringen wil zij Nederlanders laten zien welke dilemma's ze tegenkomt als statushouder, vrouw, moeder van twee kinderen en als journalist in Nederland. In deze column beschrijft zij de noodlottige overtocht naar Europa tijdens de Ramadan.
Niemand kan de pijn en het lijden van de Arabische vrouw beter beschrijven dan de vrouw zelf. Dit artikel zou een persoonlijke ervaring kunnen zijn, zelfs wanneer dat niet het geval is, omdat alles wat erin wordt vermeld een beschrijving is van de ervaring van een groot aantal vrouwen die nog steeds leven met deze pijn, of op zoek zijn om het te veranderen.
Tot een paar maanden geleden had ik nooit gedacht dat ik op het podium van ASN Bank Wereldprijs 2016 zou staan met het team van Refugee Start Force om het winnen van onze prestigieuze prijs te vieren. Op dat moment kon ik me ook niet voorstellen dat ik spontaan de RSF toespraak voor het publiek zou houden. Mijn woorden namens alle vluchtelingen die hier in Nederland wonen (zullen) zijn: “Wij 'vluchtelingen' willen graag iets teruggeven aan Nederland. Het winnen van de prijs is een kans voor ons om hier in Nederland iets te doen. Dank jullie wel”. Inderdaad! Het gaat toch over twee woorden: kansen en teruggeven.
In deze columnserie schrijft Salwa Zaher over haar reis van Syrië naar Nederland. Met haar ervaringen wil zij Nederlanders laten zien welke dilemma's zij tegenkomt als statushouder, vrouw, moeder van twee kinderen en als journalist in Nederland. Deze keer vertelt zij hoe de ramp in Genua verdrongen herinneringen aan haar vlucht uit Syrië losmaakte.

Volg ons

1,604LikesLike
202VolgersVolg
215VolgersVolg

Aanbevolen